Plouf en de Tjoek-Tjoek

‘Tjoek-Tjoek’ zeg ik wanneer Plouf samen met mij op het perron op de trein zit te wachten. Ze reageert onmiddellijk, kijkt naar links en naar rechts, en bij het aanzien van de naderende trein, staat ze op. Zodra de trein tot stilstand is gekomen, gaat ze kwispelend met mij voor een deur staan. Reikhalzend kijkt ze naar binnen, nogal ongeduldig. Ze wil als eerste de trein in. Veel passagiers moeten er om glimlachen en laten haar voordringen. Plouf kun je echt niets weigeren.

Vrolijk koppie in de trein

Haar leven lang al heeft Plouf een hekel aan de auto. Daarom maken we voor het woon-werkverkeer zoveel mogelijk gebruik van de trein. Wanneer het niet al te druk is, vindt ze het treinreizen helemaal prima en relaxed. Ze hijgt af en toe als ze het wat warm vindt, maar in de regel gaat ze rustig liggen terwijl ze de mensen observeert en af en toe hoopt op een knuffel van een vreemde. De trein was een paar jaar geleden ook de plek waar ze rustig kon oefenen voor het grotere werk: het vliegtuig.

Voor het poortje op Utrecht Centraal

De aanloop naar de reis vindt Plouf ook al interessant. Ze heeft weliswaar een paar keer een tik op haar neus gehad van de toegangspoortjes die niet echt rekening houden met honden, maar daar is ze nu op voorbereid. Reizen is voor haar een spel. Regelmatig krijgt ze het commando ‘zoek lift’ en dan volgt ze de geleidelijnen op de grond totdat ze een glazen deur tegenkomst. Heel trots kijkt ze dan in de richting van de betreffende deur.

Wachten op de lift op Arnhem Centraal

Op een station als Utrecht CS zijn er heel wat liften, dus daar krijgt ze regelmatig ‘nee’ te horen voordat ze dan maar weer verder loopt. Ze slikt het. Op een perron is het soms nog lastiger voor haar. Kiosken hebben ook glazen deuren maar die winkeltjes gaan niet omhoog of naar beneden. Plouf snapt dat nog niet helemaal. Maar ze vindt het leren en het doen gewoon leuk.

Amsterdam Centraal

Mensen, en ook passagiers, zijn tegenwoordig behoorlijk individualistisch ingesteld. Wat er op de mobiele telefoon, de iPad of de laptop gebeurt, is veel belangrijker en interessanter dan de omgeving. Vroeger was dat anders. Toen had je nog eens een gesprek met een onbekende in de trein.

In de sprinter naar Dordrecht

Wanneer Plouf en ik een coupé binnenkomen en we een plek uitzoeken, bij voorkeur met wat ruimte (dus twee banken tegenover elkaar) vraag ik altijd aan degene die dicht in de buurt zit, of hij/zij last heeft van de hond. ik heb nog niet meegemaakt dat iemand bezwaar maakte tegen deze witte hulphond met haar prinsessen-look. De vraag en het antwoord vormen regelmatig de start van een leuk gesprek.

Wachten op de trein in ‘t Harde

Ineens praten reizende mensen die elkaar niet kennen weer met elkaar. We vinden het dan plotseling gezellig om gewoon te kletsen en te ontdekken terwijl het landschap aan ons voorbij glijdt. Soms gaat het gesprek over Plouf. Sommige passagiers hebben zelfs weleens van haar gehoord.

De ‘thuisbasis’ Nijmegen

Maar heel vaak gaat het over bestemmingen, over gebeurtenissen, over belevingen. Een echtpaar uit Huissen vertelde over hun dagje uit naar het Rijksmuseum, een man uit Ede had het over zijn kleinkinderen, een Amerikaanse student legde uit wat hij in Wageningen studeerde, en een oudere dame was heel enthousiast over haar bezoek aan het Filmhuis in Arnhem.

Plouf kent het Rijksmuseum ook

Het traject is te kort om alles te vertellen, alles te horen. Medepassagiers hebben verrassende verhalen. Ik zit vaak in de trein van Nijmegen richting Schiphol, waardoor ik ook veel met vakantiegangers weg mag dromen. En dat alles dankzij de aanwezigheid van een hond.

Voor de intercity naar Den Helder

Treinreizen is leuk. En ja, de trein is soms wat vertraagd. Af en toe kom je wat later aan dan je had gedacht. Maar met de auto heb je iedere keer opnieuw te maken met files. Die zie ik regelmatig terwijl ik in de coupé ongestoord voorbij raas. En een ander nadeel: de liften op de stations doen het niet altijd. Ik probeer Plouf geen trap te laten lopen. Soms kan het even niet anders. De voordelen van treinreizen wegen echt wel op tegen de nadelen. En de Nederlandse Spoorwegen laten hun treinen al zo’n tien jaar rijden op groene stroom, dus het is ook nog eens duurzamer dan met de auto.

Controle in de trein

Een hulphond reist gratis mee in de trein. Een dagkaart voor een ‘normale’ grote hond kost € 3,70. Die mag dan de hele dag mee. Een hond moet wel een beetje oppassen in de trein. Plouf ligt graag in het gangpad. Dan neemt ze geen zitplaats in beslag en heeft ze een goed uitzicht.

Bewaker van de spoorwegovergang

Pas wanneer je een hond meeneemt kom je er achter hoeveel mensen er steeds doelloos heen en weer lopen in de trein en daarbij en passant bijna op de poten of staart van de hond trappen. Ik noem ze met enige irritatie ‘treinlopers’. Ook kun je een hond niet altijd meenemen. De grote passie van Plouf is zwemmen. Nat en onder de modder wordt zij niet zo gewaardeerd in de trein, dus dat moet ik wel altijd goed plannen.

Poseren op Arnhem Centraal

Plouf is echt een treinhond. Ze is altijd vrolijk als ze weer mee mag. De woorden ‘Tjoek-Tjoek’ betekenen voor haar dat we samen op avontuur gaan. De auto laten we zoveel mogelijk staan omdat treinreizen, ook privé, voor ons beiden heel comfortabel is.

Tussen twee sporen in bij Valburg

Plouf in de hoofdstad

Wanneer je in een bepaald land leeft, is het leuk om daar de hoofdstad eens van te bezoeken. Dat geldt ook voor Plouf. Dus op een zonnige zaterdag mocht ze mee de trein in voor een dagje Amsterdam.

De treinreis op zich was al wat spannend. Plouf moest zich schrap zetten door de onaangekondigde bewegingen van het treinstel. En ze was ook niet groot genoeg om naar buiten te kunnen kijken. Uiteindelijk koos ze ervoor om maar gewoon te gaan liggen, de lange staart in het gangpad, in de hoop dat niemand daar op zou stappen. Gelukkig voor haar moest er een paar keer overgestapt worden waardoor ze op de verschillende perrons nieuwsgierig om zich heen kon kijken en zich verheugde op de volgende trein..

Eerste stappen in de trein
Eerste stappen in de trein

Wat gaat een golden retriever doen in Amsterdam? Kunst of geschiedenis ontdekken? Culinair genieten? Shoppen of in de parken naar mensen en andere honden kijken? Dit alles stond op het lijstje.

Meteen na aankomst op het Centraal Station was het erg druk, iets wat deze plattelandshond niet gewend is. Overal mensen. Aan de riem baande ze zich een weg door de menigte in de richting van het Damrak. Ze begon ongedurig te trekken zodra ze de eerste gracht zag. Water! Dus: zwemmen! Het zat er niet in voor haar en wat teleurgesteld maar nog steeds onderzoekend liep ze niet veel later de Dam op. Het was tijd voor een fotosessie met het Koninklijk Paleis op de achtergrond. Plouf is dol op poseren. Zodra iemand een camera of een mobieltje tevoorschijn haalt gaat ze meteen en ongevraagd mooi zitten of netjes staan, ook wanneer iemand een foto wil maken zónder hond op de voorgrond.

Voor het Koninklijk Paleis
Voor het Koninklijk Paleis

De fotosessie op de Dam leverde nogal wat hilariteit op door de vele duiven die blijkbaar ook graag op de foto wilden. Mensen gingen netjes opzij om haar de kans te geven eventjes te stralen maar ze werd steeds weer belaagd door een hele zwerm duiven die dat ook wel een mooi plekje vonden. Goed opgevoed als ze is, ging ze niet op duivenjacht en deed ze echt haar best om een paar duifloze foto’s te laten maken. Plouf keek even naar het paleis dat vroeger, van 1655 tot 1808, het stadhuis van Amsterdam was. Toen Lodewijk Napoleon de eerste koning van Nederland werd, maakte hij er een koninklijk paleis van. Sindsdien is het zo gebleven. Plouf ging ook nog tussen alle mensen rond het Nationaal Monument op de Dam zitten. Dit gedenkteken aan de Tweede Wereldoorlog in Nederland is een plek waar altijd velen samenkomen. ‘Geschiedenis’ kon afgevinkt worden van de to-do list.

Uitrusten op het Monument op de Dam
Uitrusten op het Monument op de Dam

Vervolgens dook Plouf de Kalverstraat in, en dat op een zaterdagmiddag. Zoveel mensen had ze nog nooit bij elkaar gezien. Tot aan de Munttoren toe was het druk. En het ergste van alles: er was geen groenstrookje te bekennen om even te kunnen plassen. Het vragende snoetje ging steeds heen en weer. ‘Mag het hier?’ of ‘Kan het hier misschien?’ Het oversteken van de grachtengordels leverde de nodige afleiding op met toch weer die ijdele hoop dat ze misschien mocht zwemmen.

Even een knuffel nodig bij de grachtengordels
Even een knuffel nodig bij de grachtengordels

Toen eenmaal het uit 1885 stammende Rijksmuseum in zicht kwam was voor Plouf de verlossing nabij. Onder de poort door zag ze het Museumplein met daarachter allemaal zonovergoten grasvelden. Ploeteren in het water is lekker maar een snoekduik nemen in het gras en dan ongegeneerd rollebollen eveneens. Tot groot vermaak van de vele toeristen die daar aan het genieten waren, ging ze helemaal los. Met wat groene strepen op de dikke witte vacht mocht ze wat later bij het kunstzinnige Cobra Café een flinke bak water leegslurpen.

Tong uit de bek op het Museumplein
Tong uit de bek op het Museumplein

Een verblijfje bij Cobra was niet genoeg om ‘kunst’ af te vinken. Statig stond het Rijksmuseum haar op te wachten voor veel meer kunst. Een hond is gewoonlijk niet welkom in het Rijksmuseum maar aangezien Plouf een assistentiehond is en dus feitelijk de hele dag al aan het werk was, mocht ze toch mee naar binnen. Braaf, aan de korte lijn, dicht in de buurt van het baasje, nadat haar pasje gecontroleerd was, ging ze op ontdekkingstocht door het fenomenale gebouw. Met de lift mocht ze naar boven en naar beneden, ze ging netjes zitten bij elk kunstwerk dat langdurig werd bekeken en ze mocht ook een dutje doen tussendoor om even bij te komen van al die hoofdstedelijke indrukken. In veel zalen werden de camera’s en mobieltjes van kunstliefhebbers even op haar gericht en vormde ze zelf een mooie en knappe attractie. En tenslotte moest ze toch even poseren voor de Nachtwacht van Rembrandt die sinds een paar maanden in een nieuw glazen huis staat. Het hondje dat afgebeeld is op het wereldberoemde schilderij zag ze niet maar dat had op zijn beurt ook geen oog voor haar.

Voor de Nachtwacht
Voor de Nachtwacht

Het museumbezoek verliep best goed. Het was wel druk maar niet zo vol als in de stad. Plouf kwispelde vaak en was zichtbaar blij dat ze mee mocht. Heel veel mensen kwamen op haar af om haar te strelen, waarbij het teken ‘niet afleiden’ op haar rug de bezoekers telkens weer deed terugdeinzen. Op momenten dat haar focus ligt op begeleiding wil ze eigenlijk ook helemaal niet geaaid worden. Soms draaide ze zich om met een blik van ‘mag het nu wel even?’ en na toestemming liet ze zich dan kort verwennen zonder zich echter te laten afleiden.

Na een bezoek aan een iedere keer weer mooi en interessant Rijsmuseum was het wederom even tijd voor Cobra en voor het Museumplein. Wat brokjes, koel water, spelen en een kort dutje voordat het de beurt was aan het moment ‘culinair’. Daarvoor mocht Plouf mee naar restaurant Rijks dat in 2014 de deuren opende in één van de vleugels van het Rijksmuseum. Al gauw kreeg het restaurant een Michelinster en in 2019 werd het zelfs uitgeroepen tot één van de 50 beste restaurants ter wereld. Plouf heeft daar niet zoveel te zoeken want ze is helemaal tevreden met haar brokjes van Royal Canin. Als werkende hulphond mocht ze wel mee het fijne restaurant in. Ze nam genoegen met een bak water en af en toe een stukje brood om vervolgens urenlang in een hoek van de zaal naast de tafel te gaan slapen, uitgeput na een lange dag.

Mooi zitten bij Rijks
Mooi zitten bij Rijks

Het enige wat ontbrak aan deze zaterdag vol met drukte en indrukken was het shoppen. Daar was gewoonweg geen tijd voor. Plouf verdient het namelijk om af en toe ook lekker te kunnen spelen en gewoon hond te zijn. En daar waren de grasvelden van het Museumplein erg geschikt voor. De volgende ochtend, weer thuis, meteen nadat ze wakker werd, nam ze alweer de eerste verkoelende duik in het meer. Ze stak haar kop onder water om op de bodem op zoek te gaan naar stenen. Daar onder de oppervlakte bevindt zich haar eigen museum vol met schatten. De grote, drukke maar ook wel leuke hoofdstad was ze alweer vergeten.